Wat er gebeurde
Voor de bouw van de EPR-kernreactor in Flamanville, in Normandië, zette hoofdaannemer Bouygues Travaux Publics onderaannemers in die werknemers uit Polen en Roemenië detacheerden. Het ging om minstens 460 mensen.
Bij de Roemeense onderaannemer Elco ging het volgens de rechter op alle fronten mis. De meeste werknemers werden pas een paar dagen voor vertrek in dienst genomen, alleen om in Flamanville te werken. Het werk in Roemenië werd bijzaak. De administratie van de werknemers deed Elco niet zelf, en sommige detacheringen duurden langer dan 24 maanden.
Hoe de zaak liep
De rechtbank van Cherbourg veroordeelde Bouygues TP op 7 juli 2015 voor het gebruik van zwartwerk (travail dissimulé), met een boete van € 25.000. Het hof van beroep in Caen bevestigde de veroordeling op 20 maart 2017 en verhoogde de boete. Op 12 januari 2021 verwierp het Hof van Cassatie het laatste beroep. Daarmee staat de veroordeling vast.
De definitieve boetes: € 29.950 voor Bouygues TP, € 15.000 voor onderaannemer Welbond en € 60.000 voor Elco. Elco moest de CGT ook schadevergoeding en proceskosten betalen. Aan sociale premies liep Frankrijk volgens vakblad Batiactu € 10 tot 12 miljoen mis.
Het hof van beroep wees erop, en het Hof van Cassatie nam dat over, dat de fraude twee groepen raakte: de werknemers zelf, en de Franse bedrijven die te maken kregen met oneerlijke concurrentie.
Wat u hiervan leert
- Ook als hoofdaannemer bent u aanspreekbaar voor wat uw onderaannemers doen.
- Mensen in dienst nemen alleen om ze uit te zenden houdt geen stand. Het bedrijf moet in eigen land echt actief zijn.
- Let op de duur: in deze zaak liepen sommige detacheringen langer dan 24 maanden.
- Vraag de papieren van onderaannemers op vóór de start, en ga niet door als ze niet compleet zijn.
Bronnen: Cour de cassation, chambre criminelle, 12 januari 2021, nr. 17-82.553; Le Moniteur, 22 januari 2021; Batiactu; Le Monde, 7 juli 2015 (eerste aanleg).